Leden en fondsen werven? Haal meer uit je website en netwerksites !

25 feb 2011 door Hans Mathieu | 1 reactie

Het internet is een prima instrument om leden te werven en giften in te zamelen. Toch blijven veel kansen onbenut. Hoe slim gebruikmaken van de digitale weg om je leden- en fondswerving een stevige boost te geven? Tien tips van De Webfabriek.

 1) Maak van online leden en fondsen werven een expliciete doelstelling

Start je met een nieuwe website of een nieuwe onlinecampagne voor je ngo? Geef extra leden en fondsen werven dan een prominente plaats in je top 10 van doelstellingen. Als je websitebouwer weet dat leden en fondsen werven een belangrijke doelstelling is voor jouw ngo, dan kan hij er ook volop rekening mee houden.

2) Zet je doelstellingen om in cijfers

Zet je doelstellingen voor je onlinewerving om in concrete cijfers, bijvoorbeeld 25 nieuwe leden per maand, 25.000 euro giften per jaar… Zo kan je het rendement evalueren. Blijven de resultaten onder je verwachtingen? Bekijk hoe je je onlineboodschap kunt bijsturen en versterken.

3) Maak je oproep zichtbaar voor je bezoekers

Zorg dat bezoekers altijd kunnen doorklikken naar het aanmeldformulier voor financiële steun. Niet alleen op je website, maar ook in je nieuwsbrief en op je Facebookpagina. Roep direct op tot actie met een opvallende knop die prominent aanwezig is op je site. Enkele suggesties? ‘Doe een gift’, ‘Schenken’, ‘Word nu lid’, ‘Lid worden’…

4) Vermeld een concreet en actueel doel

Omschrijf je doel zo concreet mogelijk. Het werkt nu eenmaal beter als je bezoeker weet dat je met zijn of haar geld fietspaden wil aanleggen, walvissen redden of natuurgebieden aankopen dan “je organisatie steunen”. Som ledenvoordelen en concrete bestedingen kort op in puntjes. Speel zo veel mogelijk in op de actualiteit: gebruik het momentum van bepaalde maatschappelijke gebeurtenissen om je boodschap kracht bij te zetten.

5) Activeer slapende donateurs

Automatisering maakt het mogelijk om zeer gericht slapende donateurs te activeren naar aanleiding van nieuwe acties of ledenvoordelen. Gebruik de mogelijkheden van de digitale weg om uitval op te vangen.

6) Schakel overtuigde donateurs in als ambassadeurs

Gebruik het netwerk van je bestaande leden om andere gelijkgezinden over de streep te trekken. Por ze aan om op netwerksites hun ambassadeurschap te uiten. Bied extra’s aan en creëer een win-winsituatie voor de aanbrenger en het nieuwe lid.

7) Hou het simpel

In de e-shopwereld kom je tijdens het volledige bestelproces nergens voor een keuze te staan. Gebruik dezelfde technieken en vermijd keuzestress. Confronteer de bezoeker dus niet met verschillende types lidmaatschappen, doorlopende opdrachten of domiciliëringen, want dan zou hij wel eens kunnen afhaken. Kijk kritisch naar je invulformulieren en schrap alle overbodige invulvelden. Hoe de bezoeker je organisatie leerde kennen? Leuk voor jou om dat te weten te komen, maar een storende vraag voor de persoon die op het punt staat om lid te worden. Storend, want niet relevant.

8) Werk alle drempels weg

Een login aanmaken voor je lid kan worden? Eerst online inschrijven en dan een pdf moeten afdrukken en opsturen? Achteraf manueel een overschrijving moeten doen? Allemaal hinderlijke drempels waardoor mensen afhaken. Ga rigoureus door het proces en check waar verbetering mogelijk is. Zitten de controles op het formulier wel goed? Is het duidelijk waar een bezoeker moet klikken om verder te gaan?

9) Meet en optimaliseer

Ga na in welke stappen van je onlinewerving bezoekers afhaken en probeer het proces verder te verbeteren. Gebruik A/B-testing om te kijken welke varianten van teksten, formulieren of knoppen het beste werken en maak zo je keuze.

10) Laat je adviseren

Op zoek naar een partner om bovenstaande tips om te zetten in de praktijk? De Webfabriek kent de kneepjes van het vak. Hoe we bijvoorbeeld in december 2010 op 10 dagen tijd 315 kmo’s hebben overtuigd om Music For Life te steunen? Bekijk het resultaat op www.logosforlife.be.

Meer weten over onlinewerving? Contacteer Hans.

1 reactie|

Domme gebruiker... of domme programmeur?

20 okt 2010 door Belinda | 2 reacties

 

Haperende softwareprogramma’s: we maken het allemaal wel eens mee. Eenvoudige gebruikers (zoals ikzelf) hebben vaak geen flauw idee waaraan het kan liggen. En dat hoeven wij ook niet te weten. Wij hebben recht op een goed werkend programma, punt.

Laten we nu eens ingaan op de oorzaken van tegensputterende applicaties. Ja, je leest het goed: die blijken er wel degelijk te zijn. Al moest er wél een heel proces aan voorafgaan.

Dus… ter afwisseling van het beruchte parachuteproces trekken we vandaag eens naar de software-rechtbank.


Beschuldigde, sta op!

De plaats innemen van de gebruiker is geen typische reflex van de gemiddelde software-ontwikkelaar. Dat is een publiek geheim. De gemiddelde programmeur (m/v) vindt bepaalde dingen namelijk zó vanzelfsprekend dat hij niet verder nadenkt. Terwijl de gemiddelde gebruiker misschien wel compleet anders redeneert dan de programmeur heeft voorzien. Hoe goed deze het ook bedoelde.

 

Allemaal beestjes

Een bug is, zoals bekend, een fout in een programma. En die wordt zeker niet altijd veroorzaakt door een puur technisch probleem. Bijvoorbeeld: iemand moet een postcode intikken. Je zal het maar tegenkomen: op een bepaald moment tikt een toevallige (?) Nederlandse websitebezoeker een - in Nederland gebruikelijke- tweeletterige en viercijferige postcode in, en krijgt een foutmelding. Of het programma reageert niet meer. Door een paar lettertjes op een scherm ligt alles op apegapen. Geen wonder dat de gebruiker kwaad wordt, want hij deed toch alles goed?!

Kwaad worden kan, maar zelf knutselen kan natuurlijk ook. De moedige gebruiker wil al eens ‘zijn plan trekken’ met een ‘workaround’. Hij wringt zich in de ingewikkeldste bochten om het programma toch maar te laten doen wat hij wil. Bijvoorbeeld: na drie keer proberen tikt hij doodgemoedereerd 4 cijfers in het postcodevakje en de letters propt hij dan maar in het commentaarblokje, waar voldoende plaats is voor ‘zijn eigen inbreng’. Met als gevolg dat de databank op tilt slaat, want het exporteren van de gegevens lukt natuurlijk ook niet meer. Frustratie alom, en we horen de telefoon al rinkelen.

 

De mening van de expert:

De programmeur moet dit soort ‘domme fouten’ eigenlijk zien aankomen en ervoor zorgen dat zijn applicatie de informatie zodanig intelligent filtert dat ze automatisch begrijpt wat de gebruiker wil.
Afstand nemen van je positie als ontwerper van de applicatie, en de zaken anders bekijken: dat is de enige juiste houding. Het is niet omdat JIJ het programma op een bepaalde manier zou gebruiken dat een ander dat OOK zo zal doen. Zorg bijvoorbeeld dat je invulvakjes ook onverwachte karakters aanvaarden, zoals puntjes en letters in de postcode, of meer dan 4 cijfers. Zorg dat je programma ‘begrijpt’ dat dit kán en zál gebeuren, en maak er geen drama van. Voorzie het, en los het op. Of boze mailtjes worden dagelijkse kost.


De gerechtspsychiater spreekt

De geneesheer is formeel: het fenomeen ‘de domme gebruiker’ bestaat niet. Net zoals ‘de domme programmeur’ niet bestaat. Er bestaan alleen denkfouten in het hoofd van de ontwerper, misverstanden door onduidelijke commando's en de bijbehorende frustraties. Achter elk programma zit immers een mens, en achter elke gebruikerscomputer ook. Beide partijen mogen dit nooit vergeten, want medicatie hiervoor is nog niet uitgevonden.

 

Verdachte heeft het laatste woord

Verdachte pleit verzachtende omstandigheden: het gaat meestal om een dom… misverstand. Maar hij is bereid bij te leren, klinkt het vanop de beklaagdenbank. Met dank aan de expert ter zake belooft hij zijn leven te beteren.


Het verdict

De jury heeft beraadslaagd en we noteren de volgende uitspraak:

“Het hof heeft begrip voor de situatie van de beschuldigde en oordeelt dat een terugkerende vlaag van verstandsverbijstering aan de oorzaak ligt van de wederkerende misdaden. Bijkomend element à décharge is het feit dat de beklaagde oprecht berouw toont.”

Er is hoop!

“Meedenken met de gebruiker, u in zijn plaats stellen: dat zijn de enige stappen die u kunt ondernemen als ontwikkelaar om gebruiksvriendelijke applicaties te bouwen.Ik maak me geen illusies dat ik u niet meer tegenkom in mijn rechtbank, maar vandaag kunt u beschikken. Stel me niet teleur!”
 

2 reacties|

De videomadam

21 sep 2010 door Belinda | 1 reactie

On air

Spannende tijden in het vooruitzicht! Weldra voelt ondergetekende zich namelijk niet meer zo eenzaam als iets rijpere vrucht aan de jonge en welgevormde boom die De Webfabriek heet. Binnenkort, beste lezer, krijgen we er namelijk een ervaren ‘videomadam’ bij. Jawel: een spiksplinternieuwe collega, die haar talenten en charmes exclusief in de strijd zal werpen voor ons oneindig coole zusterbedrijf Zendster. Maar het zijn alleen zeurkousen die daarover mopperen. Ons vlaggenschip De Webfabriek in haar geheel wordt er immers ook beter van.

Jullie mogen dus gerust zijn: de blogmadam zal alles in stelling brengen om de videomadam zo veel mogelijk in de watten te leggen. Dit in de - lichtjes opportunistische - hoop dat zij voor haar collega’s hetzelfde zal doen. Ze moet ons bijvoorbeeld vooruithelpen in onze job - oké, toegegeven: vooral in mijn job, dus. Iets in haar cv doet namelijk vermoeden dat zij iéts meer cheddar en gouda gegeten heeft van marketing en co. Alleen naïevelingen zullen ontkennen dat deze vaardigheid altijd wel van pas komt.

Rest mij alleen nog haar even te googelen - ik bedoel natuurlijk: te Ecosia’en, maar dat bekt niet zo lekker. Al hoop ik dat het werkwoord op een of andere manier toch zal promoveren naar een vermelding in het woordenboek…

Ergonomie op de werkplek

Maar ik wijk af. Wat ik dus wou zeggen: nee, ik ga niet neuzen in onfrisse details van ’s vrouws verleden. Zo zijn we niet! Ik wil alleen maar checken of ze een thee- dan wel een koffiemens is. Of eerder een cola-type. Of misschien is ze wel Nalu-verslaafd, zoals onze Tim. Ik vraag me trouwens af of ik dankzij zo'n pepdrankkuurtje even boomlang zou worden als deze laatste… . Van lengte gesproken: ik moet zeker niet vergeten na te gaan of ook de videomadam toevallig gezegend is met lange benen. Zo ja, moet haar toekomstige werktafel misschien wel proactief verhoogd worden. Ergonomie is al te vaak een ondergeschoven kindje in de professionele context, maar bij ons zal het niet waar zijn!

 

1 reactie|

Van Ekeren naar Kyoto

31 aug 2010 door Belinda | Reageer nu!

Vaststelling van de dag: niemand van de collega’s – nee, werkelijk niemand - komt met de auto werken. Hoeveel bedrijven of organisaties kunnen dat zeggen? Of beter: hoeveel mensen zouden ons geloven als we dit op een doods moment in de groep zouden gooien? En toch is het mogelijk.  Wat zeg ik? Het kan zelfs elke dag!

Even tellen: we werken hier  met (voorlopig nog) 8 mensen. Waarvan er slechts 2 binnen een straal van 5 kilometer wonen. Ekeren, zul je zeggen: niet echt the place to be? Misschien niet, maar wél the place to work. Voor ons dan toch, blijkbaar. Want we komen zonder verpinken uit Kalmthout (15 km), Mortsel (15), Deurne (13), Berchem (12), Borgerhout (9), Kapellen (5) en Sint-Mariaburg (4,5) om de choco op ons brood te verdienen. En wel zonder gebruikmaking van een of andere gemotoriseerde vierwieler. Nog straffer: er zit er zelfs eentje bij zonder rijbewijs B. Yep! Ondergetekende is niet te beroerd om haar vinger op te steken met een air van: en nu jij weer!

Of we dan ook meededen met ikkyoto.be? Wat een vraag! Het volstond immers om te blijven doen wat we altijd al deden. Met dat verschil dat we enkele weken aan een stuk per gewerkte dag zwart op wit moesten bijhouden dat we per fiets kwamen werken. Of per Webfabriek-vouwfiets. Of met de trein, of de bus, of een combinatie van al deze vervoermiddelen. Ja, toegegeven: we hebben er eentje tussen zitten die niet graag de fiets uitvouwt wanneer de hemelsluizen open staan. Kapsel- en schoeiseltechnisch volkomen begrijpelijk, of niet soms? Maar dan neemt ze gewoon de tram, en vervolgens de bus. Alwaar ze geniet van een deugddoende portie lectuur, gesterkt door de wetenschap dat haar lijnabonnement voor 100% gesponsord wordt door de coöperatieve vennootschap.      

Onlangs kwam er een droog mailtje binnen van de dames en heren van ikkyoto.be. Ook dit jaar hadden ze weer een enthousiaste schare nieuwe gebruikers van de stalen ros weten te strikken. En daarnaast spijsden een niet kinderachtig aantal trein-tram-bus-adepten hun palmares. Helaas zat het venijn alweer in de staart: het aantal uitgespaarde CO2-kilo’s klokte dit jaar af op een schamele 660.183. Minder dan vorig jaar, met andere woorden. En dat terwijl de ikkyoto-periode 2010 praktisch samenviel met een van de droogste zomers ooit!

Gelukkig hebben we nog tijd genoeg om te wanhopen, want het definitieve resultaat zal pas eind september bekend zijn. De officiële CO2-slachtpartij is dus nog lang niet voorbij. Intussen pendelen wij van De Webfabriek vrolijk verder. Kyoto of geen Kyoto. En we hopen stiekem op massale navolging. Wie durft?
 

Reageer nu!|

Een nieuwe huisstijl: makkelijker gezegd…!

12 aug 2010 door Belinda | 2 reacties

Enkele maanden geleden hadden we er plots genoeg van. Het oude logo en de bijbehorende baseline van De Webfabriek moesten dringend worden bedankt voor bewezen diensten. De Webfabriek was immers nog steeds een duurzaam internetbedrijf, maar in de loop der jaren was er meer bijgekomen. Veel meer. Dus moesten we op schattenjacht.


Van schatten gesproken: we hadden deze onderneming een beetje ónderschat. Wisten we op voorhand wat we ons op de hals haalden, dan waren we er misschien niet eens aan begonnen.

 

                                            


Dus… hoe begin je daar nu eigenlijk aan, aan het kiezen van een nieuwe huisstijl? Een hulpeloze zucht bracht alvast geen zoden aan de dijk. Dan maar besloten ons adressenbestand af te speuren op zoek naar grafische bedrijfjes. Als dié het niet weten, wie dan wel?, redeneerden we.


Dus, zo gezegd, zo gedaan, en binnenkort zou Kees wel klaar zijn. Dáchten we. Het eerste dat onze uitverkoren partner verlangde was namelijk... dat we beter zélf eens zouden nadenken over wat we eigenlijk wilden. Dat was een makkie: “Een logo, natuurlijk!”, riepen we in koor. Waarop onze grafische collega een geduldige glimlach produceerde en het nog eens probeerde: “Akkoord: jullie hebben binnenkort een spiksplinternieuw logo. Maar daar ga ik niet in mijn eentje voor zorgen.”


Zo. Daar stonden we dan, met de mond vol tanden en een ferm ei in onze broek. Dáár hadden we even niet op gerekend. Praktische bezwaren en grote vraagtekens drongen zich naar de voorgrond. Het bleef opvallend lang stil… tot diezelfde graficus onze gevoelige snaar wist te raken. Hij confronteerde ons namelijk genadeloos met onze eigen core business.


“Ik zal het anders uitleggen”, ging hij onverstoorbaar verder. “Jullie bieden online communicatie aan?” Heftig geknik op alle banken. “Goed. En typisch voor De Webfabriek is dat jullie klanten als partners beschouwen?” Nog heftiger geknik, en stuk voor stuk vielen de kwartjes. We moesten met dit project natuurlijk onze eigen filosofie trouw blijven, en dan zou alles vanzelf gaan! Et voilà: dankzij een nauwe samenwerking met onze leverancier kwamen we tot een huisstijl om ‘u’ tegen te zeggen. En de rest is geschiedenis.

 

                                        

2 reacties|

Twitter LinkedIn